donderdag 28 april 2016

Boek 39: Huid op huid

Schrijver: Claire North
Jaar van publicatie: 2015
Uitg. Nieuw Amsterdam, Amsterdam
Vert. Lisette Graswinckel
Oorspr. titel: Touch (Orbit, London, 2015)

Zelden een boek gelezen dat ik zo vervelend vond. Te korte hoofdstukken, te veel onbegrijpelijk los zand in het begin, waar ik geen touw aan vast kon knopen, teveel personen en namen. Moet ik die onthouden? Wie was dat ook al weer? Teveel geweld op niets af, teveel wapengekletter en geknok.
En dan heb ik nog niets gezegd over het onderwerp van het boek: geesten, die zich van lichaam naar lichaam kunnen verplaatsen, dat ook daadwerkelijk doen, op die manier aan geld en gezondheid weten te komen en allerlei wandaden ongestraft kunnen begaan. Hoezeer Kepler, de hoofdpersoon-geest, ook beweert , dat hij heel veel van zijn 'dragers' houdt.
Hij voert strijd met een andere geest: Galileo. Het einde komt na een wilde achtervolging en vechtpartij in een groot museum in New York. Ik kon het maar nauwelijks uitlezen en begreep ook haast niet, hoe het allemaal afliep.
Niet voor herhaling vatbaar.

vrijdag 22 april 2016

Boek 38: One for the money

Schrijver: Janet Evanovich
Jaar van publicatie: 2012
Uitg. The House of Books
Vert. J.J. de Wit
Oorspr. titel: One for the Money (Scribner, New York, 1994)

Stephanie Plum heeft geen werk en geen geld. Ze zoekt iets, om daar verandering in te brengen. Haar neef Vinnie kan haar helpen: hij betaalt borg voor mensen die iets misdreven hebben. Als ze niet aan de voorwaarden voldoen, moeten ze gearresteerd worden. Voor die arrestatie looft de borgbetaler een bedrag uit
De mensen die dit doen lopen veel risico, maar het kan ook aardig geld opleveren. Stephanie besluit op zoek te gaan naar Joe Morelli, die ze nog van vroeger kent. Hij heeft haar op haar zestiende ontmaagd en liet daarna niets meer van zich horen. Ze heeft een haat-liefde verhouding met hem. Nu wordt hij beschuldigd van moord. Hij was politieman en gebruikte zijn dienstwapen om iemand neer te schieten. Nu is hij gevlucht en Stephanie moet hem opsporen.
Op super onbeholpen manier gaat Stephanie te werk. Ze krijgt hier en daar wat hulp van een soort 'Professor Higgins', die haar helpt aan wat gereedschap voor haar nieuwe baan en haar leert, hoe ze een wapen moet gebruiken.
In het boek heeft iedereen ook een wapen en die wapens worden met overgave gebruikt. De hoeveelheid geweld en seks kon wat mij betreft wat minder. Het boek werd me aangeraden als 'iets anders om eens te lezen', maar het deed me erg denken aan de serie van Sue Grafton die ik dit jaar lees, alleen daar vind ik de humor beter en het geweld wat minder.
Spannend was het wel, maar voorlopig lees ik nog niet een volgend deel uit deze populaire serie.

donderdag 21 april 2016

Boek 37: 84 namen. Een filosofiegeschiedenis

Schrijver: R.P. Bosch
Jaar van publicatie: 2014
Uitg. IJzer, Utrecht

Met gemengde gevoelens kijk ik terug op het lezen van dit boek. De positieve zaken:
De vorm. In achtentwintig hoofdstukken komen steeds drie namen voor. In de oneven hoofdstukken beleeft de hoofdpersoon Naomi Wijsman van alles tijden haar stage bij de aardewerkfabriek Warchems Steengoed. In de even hoofdstukken bezoekt ze de cursus filosofie aan de Volksuniversiteit, waar ze ook weer mensen - met namen - ontmoet.
Langzaam maar zeker lopen beide werelden in elkaar over: Naomi merkt, dat de filosofie in het dagelijks leven ook een rol speelt.
Namen zijn heel belangrijk. Voor Naomi, omdat ze de naam terug wil, die ze bij haar geboorte in Haïti kreeg. De band met haar adoptie familie (Wijsman) is niet zo goed.
Ook in de filosofie zijn namen belangrijk. En getallen. Er wordt wat afgeteld in de filosofie. De naam die je hebt kan bepalen hoe je leven verloopt. Magische vierkanten, zoals die ook voorkomen op tegels van de aardewerkfabriek, konden geluk brengen. 84 (uit de titel) is een magisch getal.
Mensen kunnen zo opgaan in het volgen van een bepaalde richting, dat ze andersdenkenden naar het leven staan.
Het verhaal is in eenvoudige taal geschreven, het is ook voor scholieren met filosofie in hun pakket. De schrijver wil wel eens wat teveel laten merken, dat hij straattaal beheerst.
Zijn nadruk op namen heeft ook als gevolg, dat Warchem nogal veel namen bevat van straten en gebouwen. Aanvankelijk lijkt deze plaats in Friesland te liggen. Immers: daar zijn aardewerkfabrieken. Maar er wordt ook over West-Friesland gesproken. Langzaam wordt duidelijk, dat Hoorn model heeft gestaan voor Warchem. Zo wordt het Kleine Noord in het boek het Kleine Zuid, het Westfries Gasthuis het Westfrisia ziekenhuis. Maar op een tegeltje komt plotseling wel weer een Friese tekst - die taal wordt in Noord-Holland echt niet gesproken. Het verwarde me en leidde me af van het verhaal.
Toch heb ik het boek met plezier gelezen, zozeer zelfs, dat ik filosofieboeken, die al jaren op mijn boekenplank stonden weer tevoorschijn gehaald heb en ben gaan lezen. Graag had ik in mijn schooltijd zo'n leraar filosofie gehad.

donderdag 14 april 2016

Boek 36: F is for Fugitive

Schrijver: Sue Grafton
Jaar van publicatie: 1988 (eerste uitgave)
Uitg.St. Martin's Paperbacks (2005)

Kinsey wordt gevraagd onderzoek te doen naar een moord van ruim twintig jaar geleden. In een naburig dorp aan de kust werd een meisje vermoord. Ze was niet bepaald van onbesproken gedrag en zwanger. Vader onbekend, maar haar vriend werd van de moord verdacht en veroordeeld. Hij vluchtte uit de gevangenis, maar is nu weer terug en zit weer vast. Zijn vader lijdt aan kanker en neemt Kinsey in dienst. Hij gelooft niet in de schuld van zijn zoon. Kinsey kan logeren in het door de familie van haar opdrachtgever beheerde motel. De echtgenote van de opdrachtgever lijdt aan vooral ingebeelde ziekte, zo lijkt het. Haar dochter Ann verzorgt zowel vader als moeder en heeft verlof van haar werk op de plaatselijke middelbare school.
Het dorp is klein, iedereen kent iedereen en weet alles van iedereen. En al snel wordt iedereen ook min of meer verdacht.
Weer een erg spannend boek in deze reeks. Een plezier om te lezen tussendoor.

Boek 35: De weg naar Little Dribling

Schrijver: Bill Bryson
Jaar van publicatie: 2016
Uitg. Atlas Contact
Vert. Peter Diderich
Oorspr. titel: The road to Little Dribling (Doubleday, London, 2015)

Dit was het eerste boek van Bryson, dat ik in het Nederlands las. Tot nu toe had ik steeds de Engelstalige versies. Misschien lag het daaraan, dat ik dit werk niet zo kon waarderen. Niet dat de vertaling slecht was, maar het eeuwigdurende gemopper ging me in mijn eigen taal nog meer tegenstaan, dan in het Engels het geval is. Komt het door het ouder worden, dat de schrijver steeds knorriger lijkt te worden?
Hij gaat opnieuw een reis maken door Groot Brittannië. 22 jaar geleden deed hij dat ook en beschreef die reis in Een klein eiland. Dat heb ik niet gelezen.
Hij wil zien, of hij alles in zijn nieuwe vaderland nog steeds zo geweldig vindt, maar eigenlijk weet hij al van tevoren, dat alles achteruitgaat: er is meer rommel overal, zoals hij in ongeveer ieder hoofdstuk beschrijft, alles is duurder geworden - en Bryson krijgt steeds meer hekel aan het uitgeven van geld. Attracties die niets kosten hebben zijn voorkeur.
Hij wandelt veel.
De treinen zijn vol, slecht en duur. Ze rijden zelden op tijd.
Bussen zijn slechts sporadisch aanwezig, rammelen, zien er niet uit, zitten slecht.
Mensen heeft Bryson ook liever niet, enkele uitzonderingen daargelaten. Je ontkomt er niet aan af en toe in de lach te schieten bij zijn beschrijvingen van een en ander. Maar vaak volgt al snel enige irritatie, vooral wanneer je verder in het boek komt en er werkelijk niets of niemand deugt.
Hoewel: juist in het laatste deel, waarin hij het noorden van Engeland en Schotland bereist, weet hij nog wel iets te waarderen. Gelukkig maar. Hij is daar ook meestal alleen en er is niemand die hem kan storen.
Bryson doet altijd veel onderzoek voor zijn boeken. Hij verzamelt een enorme hoeveelheid feiten en schrijft die ook allemaal op. het resultaat is veel. Heel veel. Het duurt heel lang om dat alles op te nemen. Toch staan er altijd dingen in zijn boeken, waarvan je niet wist, dat je het graag wilde weten: O ja? Is Madagascar echt groter dan GB?
Ik was een groot Bryson fan, maar dit boek viel me tegen.

donderdag 7 april 2016

Boek 34: Tom Poes en de Pas-Kaart

Schrijver/tekenaar: Dick Matena
Jaar van publicatie: 2014
Uitg. Personalia, Leens
Sticker op de cover: Limited edition (Plaatje hierbij is niet de versie die ik las)

Hebban vraagt deze maand weer wat te lezen buiten je eigen comfort zone. Strips lees ik weinig, dat was me een vorige keer (met Logicomix) goed bevallen en uit nostalgische overwegingen besloot ik in de bak met grafische werken te zoeken in de bibliotheek

Als kind genoot ik van de strips over Tom Poes en Heer Bommel. Nu zag ik, dat er een uitgave was, die daar een vervolg op moest vormen en een beschrijving gaf, van hoe de geschiedenis van de strip was verlopen. Het voorwoord was geschreven door Frans Timmermans, minister van Buitenlandse Zaken.
De 'nieuwe' tekenaar en bedenker van de strip, Dick Matena, stelt zich voor, in beeld en tekst. Discussie tussen Matena en Marten Toonder, zijn in het boek opgenomen. Interessant om te lezen, hoe schetsen worden omgevormd tot daadwerkelijke tekeningen.
Dan volgt het verhaal, de eigenlijke strip. Helaas: ik vond het niet geweldig. Er komen diverse oude bekenden langs, zoals de boeven Super en Hieper, Professor Sickbock, Burgemeester Dickerdack, en nog een paar anderen. Leuk gevoel van herkenning. Maar tja - dat verhaal. Beetje warrig. Bommelstein moet onteigend worden, evenals het eigendom van de Markies de Canteclaer. Zij gaan de strijd met de gemeente aan, maar die is in zee gegaan met projectontwikkelaars Hieper en Super. Er wordt wat gestoeid met moderne technologie, maar uiteindelijk zit Bommel, met zijn grote denkraam, toch weer gewoon in de stoel te slapen.

Boek 33: Blauwe maandag

Schrijver: Nicci French
Jaar van publicatie: 2011
Uitg. Anthos, Amsterdam
Vert. Irving Pardoen
Oorspr. titel: Blue Monday (uitg. Michael Joseph)

Om me heen hoor ik vaak lovende reactie op de boeken van Nicci French. Mijn ervaringen waren tot nu toe niet zo positief. Lang geleden las ik voor het eerst een boek van French. Ik weet er alleen nog van, dat ik het niet goed vond - toen schreef ik nog geen recensies.
Kort geleden kreeg ik een luisterboek van een kennis: Denken aan vrijdag, het vijfde boek in de Frieda Klein serie. Het zou mogelijk zijn de boeken van de serie los van elkaar te lezen.
Niet dus.
Ik vond er om verschillende redenen niets aan. Ik begreep vaak de beweegredenen van frieda Klein of van de politieambtenaren niet. Ik kende de familieleden van Frieda niet en wist niets over de achtergronden. Daarbij kwam dat de stem van de mevrouw die het luisterboek voorlas, door mij niet als prettig werd ervaren.
Omdat driemaal scheepsrecht is, besloot ik het eerste deel van de Frieda Klein serie te lezen. Als ik dan nog niet enthousiast was, was ik van plan geen boeken van deze schrijver meer te lezen.
Ik ben omgeslagen. Dit was een spannend geschreven thriller, die ik achter elkaar heb uitgelezen. Frieda Klein en haar omgeving werden duidelijk neergezet en hun acties en reacties waren nu ook begrijpelijk. Als ik deel twee kan krijgen, zal ik het zeker gaan lezen. Maar volgorde is ook bij deze serie van groot belang.

In dit deel is een meisje ontvoerd. 22 jaar geleden. Nu, onder vergelijkbare omstandigheden, verdwijnt een jongetje.
Frieda Klein krijgt een patiënt, die zegt te dromen over een zoontje, die er net zo moet uitzien als hijzelf. Als kind is hij te vondeling gelegd en geadopteerd. Frieda ziet overeenkomsten tussen de droom van de patiënt en de ontvoering van Matthew. Ze gaat op onderzoek uit en haar ervaring als psychotherapeute komen goed van pas. Ze helpt de politie bij hun opsporingen.
Het eind is toch nog verrassend, al zie je bepaalde eerdere ontwikkelingen wel aankomen. Spannend!

maandag 4 april 2016

Boek 32: De boekwinkel

Schrijver: Deborah Meyler
Jaar van publicatie: 2014
Uitg. The House of Books, Amsterdam
Vert. Mariëlle Snel
Oorspr. titel: The Bookstore (Gallery Books, New York, 2013)

De titel van dit boek sprak me aan, dus nam ik het mee uit de bibliotheek. Helaas dekte de vlag de lading maar slecht.
Zeker, de hoofdpersoon Esmee, beursstudente kunstgeschiedenis, werkt zo nu en dan in een tweedehands boekwinkel (met de naam De Uil, vandaar het lieve uiltje op de kaft), maar het gaat toch vooral over haar relatieproblemen met Mitchell, een Amerikaan met rijke ouders, op wie zij hevig verliefd is. Daardoor blijft ze het hele boek lang blind voor zijn onaangename karakter. Haar vriendin en haar collega's in De Uil zijn niet enthousiast over hem, maar ook dat opent haar ogen niet. Hoe dom kan iemand zijn. Mitchell dumpt haar al vroeg in het verhaal, op een moment waarop Esmee net heeft ontdekt dat ze zwanger van hem is. Ze besluit haar kind toch te behouden en alleen op te voeden, maar Mitchell komt terug en vraagt haar ten huwelijk. Gretig zegt ze , ondanks alles, ja.
Had ze niet moeten doen.
De mensen in de boekwinkel zouden iets beter beschreven kunnen worden. Het blijven nu wat vage schimmen, die meer vragen oproepen dan beantwoorden. Veel achtergronden worden er niet gegeven.
En daar waren dan ook nog wat vage zwervers en daklozen. Iedereen zette en verzette boeken in De Uil, maar verkocht werd er maar weinig. Waarvan werden al die werknemers betaald?
Niet mijn boek.